De nieuwe missie van John de Wolf

’50-plussers zijn vitaal en ervaren’

Ouderenambassadeur John de Wolf moet het imago van werkzoekende 50-plussers verbeteren. De oud-verdediger van Feyenoord trekt volle zalen en vertelt werkgevers in onvervalst Rotterdams hoe hij erover denkt: ‘Neem oudere werkzoekers serieus’.

Zijn wilde manen hebben plaatsgemaakt voor een gemillimeterde coupe, maar verder is aan alles duidelijk: hier, op het podium van een zaal in Sportcentrum Papendal, staat John de Wolf. Voormalig profvoetballer, markante verdediger van Feyenoord. Dat de honderdtwintig werkgevers en hr-professionals in de zaal vooral voor hem zijn gekomen hoor je niemand zeggen. Maar dat zijn komst heeft geholpen, zal niemand ontkennen.
De middag is georganiseerd door 50 Company, een loopbaancentrum voor 50-plussers. Het doel: ervaringen en ideeën uitwisselen over arbeidsparticipatie van oudere werknemers. Het is muisstil als De Wolf op uitnodiging van de gastvrouw uitlegt waarom hij ‘nog een beetje moet bijkomen’ van zijn bezoek aan de Tweede Kamer, een dag eerder. De grote media-aandacht had hem overrompeld. Cameraploegen, verslaggevers, live-interviews: ‘Ik had het gevoel een Europacup en Champions League tegelijk te spelen’.

En dan mocht hij ’s avonds ook nog aanschuiven aan de tafel van Pauw. Maar, weet hij: ‘Dat is precies mijn taak als ouderenambassadeur: deuren openen, publiciteit genereren, aandacht vragen.’ En daarin slaagt hij met vlag en wimpel. Negen maanden na zijn aanstelling, in april vorig jaar, is de 54-jarige John de Wolf uitgegroeid tot het boegbeeld van werkzoekende 50-plussers.

Een grap
Hij was niet de enige die dacht dat het een grap was toen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hem vroeg of hij ouderenambassadeur wilde worden. De ruwe verdediger als boodschapper van minister Asscher? Maar de bewindsman presenteerde De Wolf als iemand die ‘werkgevers, werknemers en werkzoekenden streng kan toespreken als het moet, maar ook een schouderklopje uit kan delen’.
De aanstelling van een ouderenambassadeur was een verzoek van de Tweede Kamer en werd onderdeel van het actieplan om de arbeidsmarktpositie van 50-plussers te verbeteren. De kans op langdurige werkloosheid is voor hen bijna twee keer zo groot als gemiddeld. Een van de doelen in het kabinetsplan ‘Perspectief voor 50-plussers’ is de beeldvorming over deze groep werkzoekenden te verbeteren. Daaraan moet de ouderenambassadeur bijdragen.

Ongepolijst
De parttime ouderenambassadeur (aangesteld voor in principe zes uur per week) reist het hele land door, voor optredens op congressen en banenmarkten, netwerkbijeenkomsten en power sessies. Van Goes tot Utrecht, van Zwolle tot Amsterdam, overal is hij eregast, ijsbreker en publiekstrekker. Hij deelt er handtekeningen uit, poseert voor een foto, houdt zijn peptalk. In ontwapenende oneliners en ongepolijst Rotterdams verspreidt hij de boodschap dat oudere werkzoekenden ‘niet ziek, zwak en misselijk zijn’, maar vitaal en ervaren. ‘Kijk eens wie er voor je staat’, mag hij graag zeggen. ‘Ik ben ook 50-plusser’. Werkzoekenden houdt hij voor de moed niet te laten zakken. ‘Blijf erin geloven. Je hebt maar één werkgever nodig die het in jou ziet zitten’.

Je ikkie
In Papendal hebben de deelnemers aan de bijeenkomst zich verdeeld in groepjes om een ‘gouden tip’ te formuleren voor John de Wolf. De ouderenambassadeur zelf gaat op zoek naar een colaatje light en beantwoordt onderweg graag een paar vragen. Welke boodschap hij heeft voor werkgevers bijvoorbeeld.
‘Dat ze de mensen die solliciteren iets laten weten’, zegt hij. ‘Ik hoor zo vaak van werkzoekenden dat die echt veertig, vijftig keer hebben gereageerd op een vacature en dan geen reactie krijgen. Dat doet iets met je ikkie hè? Dat vind ik wel schrijnend.’ Hij pleit voor een elevator pitch, zoals het Rotterdamse Hotel New York had georganiseerd voor nieuwe portiers. Vijf minuten mochten de kandidaten uitleggen waarom ze geschikt waren voor de baan. ‘Wat nu zo mooi is’, zegt De Wolf, ‘is dat de kandidaten zich niet afgewezen voelen omdat ze tenminste aandacht hadden gehad.’
De Wolf was als verdediger niet vies van een ferme duw. Hoe zit dat met de ouderenambassadeur? De Wolf, diplomatiek: ‘Ik denk dat elk mens in zijn leven een duwtje nodig heeft, de ene een schop onder zijn hol, de ander een aai over zijn bol.’
In Papendal wachten er na afloop van de bijeenkomst geen camera’s, wel een radiomicrofoon en mensen die vragen of hij ook op hun event komt. De ouderenadviseur verwijst iedereen vriendelijk naar de aanwezige medewerkster van het ministerie. En trekt zijn jasje nog maar eens recht voor een foto.

Gepubliceerd in Baanbreker Magazine, nr. 1 2017

Foto John Dijkgraaf

Geef een antwoord